Excursie Hollands Kroon – 13-09-2026

verslag: Ingmar Westerman

Een onder water gezet stuk boerenland. Een alsmaar langer wordende rij auto’s in de berm. En de bestuurders en meerijders met al hun optiek opgesteld naast een grote schuur. Een typisch Noord-Hollands najaarstafereel. En een voor de hand liggende eerste stop van onze excursie.

De dag ervoor zat op een naastgelegen veld in de Anna Paulownapolder namelijk een niet alledaagse verzameling steltlopers waaronder een blonde ruiter, twee gestreepte strandlopers en twee grauwe franjepoten. Daarnaast heel wat kemphanen en -hennen, bontbekplevieren, kleine strandlopers, en ook krombekstrandlopers, steenlopers en bonte strandlopers. Dan hebben we groenpootruiter, zwarte ruiter en bosruiter niet eens genoemd. Gelukkig zaten al deze steltlopersoorten er allemaal nog, zij het een veld verderop. Behalve dan de grauwe franjepoot, maar die soort zouden we aan het eind van de dag op een andere plek zien.

Het vergde nog het nodige zoeken en aanwijzen voordat iedereen de vogels goed in beeld kreeg. ‘Voor die hooibaal met blauw plastic’, ‘rechts van de rode tractor’, ‘badderend bij twee bontbekplevieren’. En dan vloog ineens alles weer op. Dat soort werk. En wat kunnen sommige (jonge) kemphennen van veraf toch op een blonde ruiter lijken.

Door naar Balgzand, vlakbij de Van Ewijcksluis, met voor enkelen een uitstap naar de Balgzandpolder. Daar stonden wel meer dan duizend lepelaars. Ter hoogte van de sluis viel het enorme aantal bergeenden op. We zagen maar liefst drie visarenden, een slechtvalk en een boomvalk. En het aantal soorten steltloper werd verder uitgebreid met kluut, kanoet, grutto en zilverplevier. We boften dat een van de visarenden vlak voor ons even op een staak landde.

Na een klein stukje rijden zagen we een groep van bijna tweeduizend wulpen, waaronder een zeer licht exemplaar, en verscholen tussen de wulpen de nodige rosse grutto’s in zomerkleed en goudplevieren. Een prachtig gezicht. Tussen de brandganzen liep een roodhalsgans. Weer een paar minuten rijden verder vonden we al snel de jonge roodpootvalk waarop we hoopten. Deze vogel liet zich heel fraai bekijken en van dichtbij fotograferen. Het ging allemaal wel heel voorspoedig.

Volgende halte Den Oever. Met gelegenheid om te lunchen, of gewoon stug door te vogelen. We troffen elkaar weer aan de Waddenkant, uitkijkend over het Schor en de Bak. Tussen de vele scholeksters zagen we een albino exemplaar, een vreemde aanblik. Verder volop stelten, en een jagende slechtvalk, voor de meesten van ons de derde van de dag. Ook de ijsvogels vielen op, vliegend en zittend op de dijk zagen we er maar liefst drie.

Een najaarsexcursie naar Noord-Holland kan eigenlijk niet zonder grauwe franjepoot. Hoewel we die soort onlangs dichtbij huis mooi hebben kunnen zien, in De Wilck, besloten we onze laatste stop op deze soort af te stemmen. We konden vandaag in deze provincie maar liefst uit vijf plekken kiezen (Texel niet meegerekend). We kozen voor de dichtstbijzijnde vogel.

En zo kwamen we uit, hoe kon het anders, bij een paar onder water staande (bollen)velden. Deze berm was echter dichtbegroeid waardoor het niet makkelijk kijken was. We vonden een plek vlakbij een boerenschuur waar we allemaal een vrij uitzicht hadden. Behalve de driftig zwemmende grauwe franjepoot, zagen we verder tureluurs, kemphanen, verschillende ruiters, witgatten en oeverlopers. Een opvallend lichtgekleurd mannetje bruine kiekendief speurde langs de randen van de natte velden. Tussen de jonge witte en gele kwikstaarten dook een knalgeel mannetje Engelse kwikstaart op. Deze mooie vogeldag eindigde zoals die begon.

Birdrace Alphen 2026

verslag: Auke Lever

Op zondag 10 mei verzamelden 10 enthousiaste vogelaars zich bij het Zaans Rietveld. Dit was als een strategische startplek gekozen voor de Birdrace. Hiervandaan kwamen de vogelrijke gebieden binnen de gemeente Alphen aan den Rijn binnen fietsbereik. Want fietsen dat zouden we die ochtend!

Het doel van de Birdrace was om met de groep van 10 zoveel mogelijk vogelsoorten te vinden in de gemeente. Een vogelsoort mocht op de lijst als minstens 3 vogelaars de soort hadden gezien of gehoord. We begonnen om 7.00 uur dus in het Zaans Rietveld en uiterlijk om 12.30 uur moesten we bij de finish zijn, het bezoekerscentrum Veenweiden.

De groep besloot eerst een rondje Zaans Rietveld te maken, om direct allerlei algemene soorten te vinden en natuurlijk ook de plas af te speuren. In de eerste minuten was het bijna niet bij te houden met natuurlijk tjiftjaf, winterkoning, fitis, meerkoet, zwarte kraai. De veelvoorkomende soorten werden direct binnengehaald. Maar ook de koekoek en cetti’s zanger kwamen op de lijst, soorten die je op zo’n dag toch maar moet tegenkomen. De snor was de beste soort van het eerste kwartier want die komt op andere plekken in de gemeente nauwelijks voor.  

In het eerste half uur liep de teller zo snel op dat je je afvroeg hoe dat door zou gaan. Maar de doorgewinterde birdracers weten: het gaat niet alleen om de algemene soorten, die komen meestal toch wel op de lijst, het gaat er ook om welke meer bijzondere soorten kunnen worden toegevoegd. Want daarmee kan de score worden verhoogd.

Een overvliegende lepelaar! Kijk, dat was een mooie bonus. Op de plas zagen we de gebruikelijke soorten zoals kluut, visdief en oeverloper. Weer bij de fietsen aangekomen bleek de teller na een klein uurtje Zaans Rietveld al te staan op 57 soorten!

Maar nu begon het puzzelen, waar hebben we de meeste kans op veel soorten? We besloten via een aantal tussenstops naar het Bentwoud te fietsen, omdat we daar soorten hoopten te vinden die elders in de gemeente niet voorkomen. De polder naast het Bedelaarsbos bleek een mooie plek om af te speuren want daar zagen we tureluur, regenwulp, groenpootruiter, grutto en purperreiger. Vervolgens fietsten we flink door richting het Bentwoud. Ondanks het tempo werden vanaf de fiets nog braamsluiper, gele kwikstaart, putter en kneu aan de lijst toegevoegd.

Het Bentwoud doorkruisten we via verschillende routes. Hèhè, eindelijk buizerd en grote bonte specht op de lijst, die zul je toch maar missen op zo’n dag. Hoog boven het veld zong een veldleeuwerik zijn eindeloze lied, een soort die bijna is verdwenen in Alphen. Ook de spotvogel, nachtegaal en oeverzwaluw waren mooie extra soorten op de lijst in het Bentwoud. De zo gehoopte roerdomp werd niet gescoord, 1 enkele hoemp gehoord door 1 deelnemer was niet genoeg om hem mee te tellen.

Voor de fietsroute terug richting Alphen was in de weken voorafgaand aan de Birdrace uitstekend speurwerk verricht. Dit betaalde zich uit in een prachtige zwarte roodstaart en een minstens net zo fraaie blauwborst. Hierna werd het echt sprokkelen van extra soorten. Welke hadden we nou nog niet en hoe konden we het beste fietsen? En minstens net zo belangrijk: hoe komen we op tijd bij de finish?

We besloten via de Galgweg en het Spookverlaat richting Alphen te fietsen. En dat leverde direct de klapper van de dag op. In de verte werd door een deel van de groep een zeearend gezien! Jammer genoeg zag niet iedereen hem, maar wel voldoende mensen om hem op de lijst te zetten.

Op het Weteringpad vonden we nog niet de nog ontbrekende staartmees, maar gelukkig vonden we die wel in Zegersloot aan De Bijlen. Vlakbij de Zegerplas lachte de groene specht ons tegemoet. Bij de afsluitende wandeling bij de Kromme Aar bleek de kwak onvindbaar maar dat werd goedgemaakt door de dodaars die we daar konden zien en horen. De laatste soort die we op de valreep konden bijschrijven was de ooievaar, ook echt een soort van ons werkgebied.

Bij aankomst in het bezoekerscentrum konden we de balans opmaken. De totaalscore was maar liefst 90 soorten! Een geweldig resultaat voor een ochtend vogelen in onze gemeente.

Daar konden we tijdens een heerlijke lunch nog over napraten. En al gauw begon het speculeren over hoe we bij een volgende Birdrace de magische grens van 100 soorten zouden kunnen halen. Wie weet lukt dat volgend jaar. Met de behaalde 90 soorten en een mooie fietstocht door Alphen aan den Rijn hebben we met de groep een fijne ochtend beleefd.